zaterdag 18 oktober 2025

De voorbarige

 
De moordende achterflap.

Rik Torfs schreef een nieuw boek: "Waarheid".

Dat is een boek dat ik zeker zou willen lezen.
Als handelaar in waarheid heb ik een natuurlijke interesse voor wat anderen over waarheid schrijven.
En dan zeker wat publicerende auteurs over waarheid schrijven. Wie weet, ik zou er misschien wat van kunnen opsteken om er ooit mijn grote doorbraak mee te kunnen forceren.

Helaas, de achterflap heeft mijn goede voornemen meedogenloos verfrommeld als was het een stuk oud papier.



"Waarheid heeft vele betekenissen".
De vraag is of dat een waarheid is.
Dat wil ik uiteraard lezen. Ik ben op dat vlak gulzig als een uitgehongerde uitgever.
Zal die vraag aan bod komen?
Wat denkt u?
Denkt u dat het op basis van de verdere tekst op de achterflap aan bod zal komen?
Ik heb geen zin om op basis van een luttele 0,001 % kans (zelf berekend op basis van de meest recente prognose tabellen van Torfs) dat boek te gaan lezen.

Ik heb geen zin om een voorbarige auteur te lezen.
Ik heb geen enkele boodschap aan voorbarige feitelijke, wetenschappelijke, juridische, historische, religieuze of artistieke waarheid.
Het kan nooit meer zijn dan ijdele waarheid.

 


Sculpture: Daniel Popper, "True Nature".
 

zondag 5 oktober 2025

Ramsey Nasr

 

Gisteren kreeg Ramsey Nasr de Arkprijs van het Vrije Woord.
Naar aanleiding van die uitreiking sprak hij een rede (Rede ?) uit.
Ik was er niet bij, maar las wel de licht bewerkte versie in de vorm van een essay. 

In dat essay wordt even geflirt met de "inherente" betekenis van het woord "vrij".

"Ik geloof in woorden die getoetst worden aan de werkelijkheid, die begrensd zijn en niet van alle inherente betekenis ontdaan kunnen worden."

"Ik ben tegen het vrije woord als het elke betekenis kan aannemen."

Het is een vreemde gedachte dat woorden een inherente betekenis zouden hebben.
Nog vreemder is de gedachte dat "vrij" als inherente betekenis "begrensd" zou hebben.

 


Sculpture: Judith Shea


Waar is de dichter gebleven?
De dichter die onbevreesd
- voor wie of wat zou hij moeten beven ? -
Vanop de barricaden voorleest:

Aanhoort 
MIJN 
woord.

 

zaterdag 20 september 2025

De ignobele

 
De ignobel prijzen zijn uitgereikt.

"research that makes people LAUGH, then THINK" is het motto van de vereniging die Marc Abrahams oprichtte.

Zelf heb ik het meer voor "research that makes people THINK, then LAUGH"

Beste quote van het jaar:
"De tegenpartij heeft ook valabele argumenten."



    Sculpture: Yue MinJun, "Laughing man"

vrijdag 30 mei 2025

 

    Het gedicht van de liefde
    sukkelde
    onbedoeld
    in de kier


    "Zou ik het er niet proberen uit te vissen?",
    dacht ik
    "en dan gelijk de woorden wat afstoffen".

    Ach wat zou het ook,
    want

    Het gedicht van de liefde
    staat
    niet
    op papier



zaterdag 10 mei 2025

De luiaard

https://www.filosofie.nl/waarheid-is-geen-lichtschakelaar-tussen-vals-of-waar/ 

 

Waarheid is geen lichtschakelaar tussen vals of waar

Door David Van Reybrouck op 6 mei 2025

 

De moeder van Gandhi was aanhanger van het jaïnisme, een Indiase leer die in de zesde eeuw voor onze jaartelling ontstond. Gandhi ontleende er twee concepten aan: ahimsa (radicale geweldloosheid) en anekanta (meerzijdigheid). Anekanta betekent letterlijk: ‘niet één zijde’. De leer van die niet-eenzijdigheid heet anekantavada. Jaïnisten geloven dat waarheid geen lichtschakelaar is tussen vals of waar, maar dat waarheid altijd vele kanten heeft, zoals een diamant. Het komt erop aan de beperktheid van je eigen perspectief te erkennen en nieuwsgierig te blijven naar andere perspectieven. Je moet de diamant kantelen.

Vorig jaar ontmoette ik de Brits-Indiase milieufilosoof Satish Kumar. Tien jaar lang was hij een jaïnische monnik geweest. Vandaag de dag pleit hij voor ‘biodiversiteit, culturele diversiteit en waarheidsdiversiteit’. Bedoelde hij relativisme? Nee, dat niet. Waarheid was gewoon meerzijdig, niemand bezat haar volledig. Dat inzicht komt van pas, zeker nu autocratische politici het tegendeel beweren.

Volgens filosoof Hannah Arendt was niet-eenzijdigheid de kern van de Atheense democratie. De publieke ruimte was de plek ‘waar de burgers samenkomen’ en ‘alle dingen voor het eerst in hun veelzijdigheid kunnen worden herkend’. Burgers waren meer dan kiezers. ‘Cruciaal is dat men het vermogen kreeg om onderwerpen werkelijk van verschillende kanten te bekijken – dus politiek.’

 


Painting: Sir Brooke Boothby, Joseph Wright of Derby (1781) 

 

Een nieuwe  "Denker der Nederlanden".

Een luie tekst.
Maar daar hoeft u zich niet over op te winden, het is een facet van de waarheid.

donderdag 1 mei 2025

Tom Cruise


Hoe kan je
"iedereen is gelijk voor de wet"
verzoenen met
"elke rechtszaak is anders"?

Red Restart Icon PNG Transparent Background, Free Download #32263 -  FreeIconsPNG


zaterdag 5 april 2025

De onbeleefde

 
De tekst van een schrijver die gelooft in de rationele discussie is problematisch.
Die is problematisch omdat ik er bij het lezen dan van uitga dat er in het achterhoofd van de schrijver een stemmetje fluisterde: "als ik het beter uitleg, dan zal hij het wel begrijpen."

Wanneer dat de betreffende schrijver wordt voorgelegd, dan verandert hij het geweer van schouder: "Het is maar een mening hooggeachte lezer".

Als ik dat lees dan fluistert er een onbeleefd stemmetje in mijn achterhoofd: "Waarom wil u in hemelsnaam de wereld verblijden met een mening?"

 


 Sculpture: The indecent little man on the St. James Church, Brno.

donderdag 3 april 2025

Isolde Van den Eynde

 

Ik weet niet of u daar last van heeft, maar ik in alle geval wel.
Dat u denkt: "wat zou het ook"?"



Ik weet in alle geval wie er wel last van heeft: De Rechtbank van Leuven.

Er is de algemene regel: het vonnis over een verkrachtingszaak wordt niet gepubliceerd.
En er is de uitzondering: het vonnis over deze verkrachtingszaak wordt wel gepubliceerd.

Dat is een probleem.
Want om willekeur te vermijden is het van groot belang dat de uitzondering op de regel wordt vastgelegd in welbepaalde regels.

Waarom dit vonnis wel en andere gelijkaardige vonnissen niet?
Daar moeten argumenten voor aangeleverd worden.
Het publiceren van het vonnis kan alleen als aan die en deze voorwaarden voldaan is.
Het moet duidelijk zijn dat dit niet op willekeurige basis gebeurt.
Want willekeur is vies.

Er is een merkwaardige analogie met het eigenlijke vonnis.



Er is de algemene regel: iemand die veroordeeld wordt voor verkrachting krijgt een straf.
En er is de uitzondering: in deze verkrachtingszaak krijgt de verkrachter geen straf.

Dat is een probleem.
Want om willekeur te vermijden is het van groot belang dat de uitzondering op de regel wordt vastgelegd in welbepaalde regels.

Waarom deze verkrachter wel en andere verkrachters niet?
Daar moeten argumenten voor aangeleverd worden.
Het verlenen van opschorting van straf kan alleen als aan die en deze voorwaarden voldaan is.
Het moet duidelijk zijn dat dit niet op willekeurige basis gebeurt.
Want willekeur is vies.

Volgens Isolde Van den Eynde zijn de argumenten om in dit geval opschorting van straf te verlenen fout geformuleerd.
Of minstens fout geformuleerd.
Het zou ook kunnen dat er helemaal niet voldaan werd aan de algemeen geldende regels om opschorting van straf te verlenen.
Om dat objectief te kunnen beoordelen moeten deze algemeen geldende regels op de uitzondering aan een nader onderzoek onderworpen worden.

Ach, wat zou het ook.

Ik moet nu terugdenken aan een gesprek met mijn vrouw.
Ik ben de context helemaal vergeten.
Ik herinner me alleen nog dat zij haarfijn uitlegde hoe we zouden reageren.
Op het eind vroeg ik; "waarom"?
Ietwat verbouwereerd antwoordde zij: "omdat het je dochter is."
U hoeft daar verder geen conclusies aan te verbinden.
"Omdat het je zoon is", was ook een legitieme optie.

zondag 30 maart 2025

De vrijwilliger

 
Vindt u ook niet dat we het gemakkelijker maken dan het is?
"Iemand onterecht beschuldigen is fout".
Wel ja, en patience speel je alleen en ijs is koud en melk is wit.
Maar om daar nu een column over te schrijven?
Een algemeenheid kan zo algemeen worden dat het tot een platitude vervelt.
Wanneer het echter concreet wordt smelt de platitude als sneeuw voor de zon.

Een beschuldiging is nooit een deus ex machina die zomaar uit de lucht komt vallen.
Er is per definitie sprake van een beschuldigde en een beschuldiger.
En er is altijd het vermoeden van onschuld.
De beschuldigde is onschuldig tot bewijs van het tegendeel.

Als er echter een vermoeden van onschuld bestaat, dan moet er ook een vermoeden van schuld bestaan.
Zonder een vermoeden van schuld zou er nooit een "beschuldiger" kunnen bestaan.
De slaaf zou de slavendrijver nooit van slavernij kunnen beschuldigen zonder het vermoeden van schuld.

Een "schuldige beschuldiger" is iemand die louter en alleen kan bestaan omdat men uitgaat van het vermoeden van schuld.
Er is echter altijd het vermoeden van onschuld.
Ook de schuldige beschuldiger is onschuldig tot bewijs van het tegendeel.
Want iemand onterecht beschuldigen is fout.

Soms word je omwille van je positie gedwongen om een keuze te maken tussen de beschuldigde (iemand veroordelen omwille van toxisch leiderschap)  en de beschuldiger (iemand veroordelen omwille van toxisch slachtofferschap)
Ik wantrouw vrijwilligers om die rol op zich te nemen.
Ik pas in alle geval.


 Painting: Thomas Couture, "The sleeping judge".

zaterdag 29 maart 2025

The jokari player

 

Don't you think we're making it more difficult than it is?
That's the feeling I often get.
In that context, I often think of a statement I once scribbled down somewhere:

One day a disciple came looking for his master and said, 'Master, after fifty years of study I know how to walk on water.' The master responded, 'Bravo, but can you give it up?'
(I can no longer trace where I got it from.)

To give an example: Wittgenstein's philosophy is inversely proportional in simplicity to the philosophy about Wittgenstein.

Wittgenstein always writes about the same thing.

 
"What might that be?", you rightly ask.

My aim is: to teach you to pass from a piece of disguised nonsense to something that is patent nonsense.
Wittgenstein, Philosophical Investigations 464

(Was ich lehren will, ist: von einem nicht offenkundigen Unsinn zu einem offenkundigen übergehen.
Wittgenstein, Philosophische Untersuchungen 464)
 
 Compare that with Wittgenstein's earlier work.

My propositions are elucidatory in this way: he who understands me finally recognizes them as senseless.
Wittgenstein, Tractatus Logico-philosophicus 6.54

(Meine Sätze erläutern dadurch, dass sie der, welcher mich versteht, am Ende als unsinnig erkennt
Wittgenstein, Logisch Philosophische Abhandlung 6.54)

So much for the complex distinction between the earlier Wittgenstein and the later Wittgenstein in the specialized literature.
In the past few days I have been fascinated by "the private language argument".

That is an argument of Wittgenstein that is not really an argument, he himself never used that terminology, in which he asks himself whether "private language" is thinkable ("denkbar")
 A human being can encourage himself, give himself orders, obey, blame and punish himself; he can ask himself a question and answer it. We could even imagine human beings who spoke only in monologue; who accompanied their activities by talking to themselves. —An explorer who watched them and listened to their talk might succeed in translating their language into ours. (This would enable him to predict these people's actions correctly, for he also hears them making resolutions and decisions.)
But could we also imagine a language in which a person could write down or give vocal expression to his inner experiences—his feelings, moods, and the rest—for his private use?——Well, can't we do so in our ordinary language?—But that is not what I mean. The individual words of this language are to refer to what can only be known to the person speaking; to his immediate private sensations.
So another person cannot understand the language. The individual words of this language are to refer to what can only be known to the person speaking; to his immediate private sensations. So another person cannot understand the language.
Wittgenstein, Philosophical investigations, 243

(Ein Mensch kann sich selbst ermutigen, sich selbst befehlen, gehorchen, tadeln, bestrafen, eine Frage vorlegen und auf sie antworten. Man könnte sich also auch Menschen denken, die nur monologisch sprächen. Ihre Tätigkeiten mit Selbstgesprächen begleiteten. – Einem Forscher, der sie beobachtet und ihre Reden belauscht, könnte es gelingen, ihre Sprache in die unsre zu übersetzen. (Er wäre dadurch in den Stand gesetzt, Handlungen dieser Leute richtig vorherzusagen, denn er hört sie auch Vorsätze und Entschlüsse fassen.)Wäre aber auch eine Sprache denkbar, in der Einer seine inneren Erlebnisse – seine Gefühle, Stimmungen, etc. – für den eigenen Gebrauch aufschreiben, oder aussprechen könnte? – Können wir denn das in unserer gewöhnlichen Sprache nicht tun? – Aber so meine ich’s nicht. Die Wörter dieser Sprache sollen sich auf das beziehen, wovon nur der Sprechende wissen kann; auf seine unmittelbaren, privaten, Empfindungen. Ein Anderer kann diese Sprache also nicht verstehen.
Wittgenstein, Philosophische Untersuchungen 243)

Wittgenstein emphasizes that it is not about ordinary language.
"
Aber so meine ich’s nicht."
"
But that is not what I mean. "
To be clear: it is about a language that is private, it is about a language that another cannot understand.

 
What should we do with that?

"Something that most commentators will agree on is that one of Wittgenstein’s main aims is to show that such a private language is impossible, and that even if it were possible it would be completely useless. But this is just one strand of the argument. Intertwined with the remarks about private language is a separate but related discussion about the relationship between public language and private sensations. In fact, these two interwoven strands are so closely related that one could see them as two sides of the same coin. But as suggested above, the range of possible interpretations is vast, and before we start thinking about what it could all mean, we should first take a look at what Wittgenstein actually said."
Richard Floyd, The Private Language Argument
 
What did Wittgenstein actually say?

The proposition "Sensations are private" is comparable to: "One plays patience by oneself".
Philosophical investigations, 248

(Der Satz »Empfindungen sind privat« ist vergleichbar dem: »Patience spielt man allein.« 
Wittgenstein,Philosophische Untersuchungen 248)

That is what Wittgenstein actually said.

It is an invitation to continue thinking along the same lines.

Patience is played alone because it is inherent to the game.

And language is public because communication with someone else is inherent to language.

"Language is public" is a tautology in the same order as "patience is played alone" and "communication with someone else".

"Language is public".

Why else would I write?
Why else would I write a sentence like: what should we do with that?

However, an important caveat must be made to this reasoning.

"Language" is also just a word, and as such the word "language" has no inherent meaning.

"Gift" is an English present and a German poison.

It is therefore essential to find out what the writer understands by "language".
With modern technology this is quite easy, you can use the control-find key.

As soon as you can sift out a "we" in the text you can assume that the author considers "language" as a social event.

Which makes our sentence look like this: "private language is public".

Or, you can also ask yourself to what extent "language" is actually still public if the author himself determines what meaning he assigns to a word.

In that case, "language" can be considered private and you get the following sentence: "private language is private".

The contradiction in "private language is public" is directly proportional to the meaninglessness in "private language is private".


And yet.
And yet I enjoy reading those essays on Wittgenstein.

Because the contradiction or the meaninglessness in the work of others is more pleasant to read than in your own work.

And because sometimes you stumble upon a gem.

"The real discovery is the one that makes me capable of stopping doing philosophy when I want to.—The one that gives philosophy peace, so that it is no longer tormented by questions which bring itself in question."
Philosophical investigations, 133

("Die eigentliche Entdeckung ist die, die mich fähig macht, das Philosophieren abzubrechen, wann ich will. – Die die Philosophie zur Ruhe bringt, so daß sie nicht mehr von Fragen gepeitscht wird, die sie selbst in Frage stellen."
Philosophische Untersuchungen, 133)

This proposition was known to me.
Where other philosophers play a game of tennis (a point has to be made), Wittgenstein plays a game of Jokari (the point has been made).

He knows that the ball will always come back in his direction.

You can therefore simply stop at any time, it is no longer necessary.

However, I did not know this one:
"Wittgenstein is reported by Rush Rhees to have said "In my book I say that I am able to leave off with a problem in philosophy when I want to. But that’s a lie; I can’t"
Stewart Candlish, Private Language
 
I wouldn't have missed that statement for the world.
Some people are doomed (or blessed) to play jokari forever.


 
Sculpture: Jerzy Kedziora, The puppeteer