zaterdag 12 september 2026

Benno Barnard

 

 


 

Wat een activistische uitspraak!

vrijdag 11 september 2026

De herhaler

 


Over de vrijheid van meningsuiting.

Misschien kunnen we het er bij de aanvang over eens zijn dat de vrijheid van meningsuiting een "principe" betreft. Bij wijze van voorbeschouwing is het in dat verband interessant om een uitspraak van de Deense filosoof Sören Kierkegaard in herinnering te brengen: "People of experience maintain that it is very sensible to start from a principle. I grant them that and start with the principle that all men are boring. Or will someone be boring enough to contradict me in this?" (Of/Of, eerste zin van het zevende deel)
Kwestie van duidelijk te maken tegen welke achtergrond ik schrijf.

NEGER.

Lang getwijfeld, maar kijk, voilà, het staat er.
Het woord is niet inherent racistisch.
Als mijn moeder het per abuis nog een keertje gebruikt, ze is hierover naar behoren opgevoed door haar kleinkinderen, is dat geen racisme.
Het woord is niet inherent racistisch.

TRAP HET HIER AF VUILE NEGER.

Al heb ik er alle begrip voor dat de zwarte medemens die het woord voor de honderdste keer op honderd naar zijn hoofd geslingerd wordt in dergelijke context, het woord als inherent racistisch beschouwt.
Vandaar dat ik het woord uit principe zal vermijden.
Nu, ik weet niet hoe het bij u gesteld is, maar ik hoef bovendien dergelijke uitspraak maar één keer te horen om te weten dat het bij die ene keer moet blijven, dat ik het niet meer wil horen.
Het recht op vrije meningsuiting wordt doorgaans verward met het recht om in herhaling te vallen.

Als de leraar dergelijke uitspraak op de speelplaats hoort, kan hij de leerling ter verantwoording roepen.
"Dat past in het kader van mijn recht op vrije meningsuiting meneer".
De leraar kan het op dat ogenblik onder het mom van de vrijheid van meningsuiting blauwblauw laten.
Maar met evenveel recht en rede kan hij stellen: "niet hier jongeman, niet in deze school."
U kan zelf het voorbeeld tot in het oneindige uitbreiden. De trainer versus de speler, de werkgever versus de werknemer, de voorzitter versus de trainer, de journalist versus de lezer.
We kunnen er niet onderuit dat er hier telkens sprake is van een hiërarchie. Het woord van de leraar zal zwaarder doorwegen dan het woord van de leerling, het woord van de trainer zal zwaarder doorwegen dan het woord van de speler, het woord van de werkgever zal zwaarder doorwegen dan het woord van de werknemer, het woord van de voorzitter zal zwaarder doorwegen dan het woord van de trainer, het woord van de journalist zal zwaarder doorwegen dan het woord van de lezer.
Niet hier.
Niet in deze school.
Niet op dit veld.
Niet in deze fabriek.
Niet in deze club.
Niet in deze krant.
Ik eigen mij het recht toe om de bezoeker in mijn huis "niet hier" te zeggen.
Ik eigen mij dat recht toe omdat ik aanvaard dat als ik elders op bezoek ga, te horen kan krijgen "jij zal mij hier niet de les komen spellen."

Het moet duidelijk zijn dat het hier een voorbeeld, een concrete uitspraak, betreft.
Hoe maken we de overstap van het voorbeeld, een concrete uitspraak, naar het principe, een algemene uitspraak?
Dat kan niet.
Uiteraard kan de wetgevende macht niet bepalen dat de aangehaalde uitspraak verboden is. De rechtspraak zou een oneindig wetboek worden.
De wetgever moet zich noodzakelijkerwijs tot een veralgemening beperken: "haatspraak is verboden".
Maar is het voorbeeld haatspraak?
De rechterlijke macht is bij gebrek aan duidelijkheid (de concrete uitspraak is niet expliciet verboden in het wetboek) verplicht om een interpretatie van de algemene regel te geven.
De interpretatie van de rechter weegt zwaarder door dan de interpretatie van de leraar, de trainer, de werkgever, de voorzitter, de beheerder, de journalist.
Maar het zal nooit meer zijn dan een interpretatie.



(Geef ze even om op gang te komen ...)

 "Denken dat jij vooraf mag bepalen welke ideeën anderen wel of niet mogen horen, is een vorm van politieke en intellectuele arrogantie", schrijft professor filosofie Patrick Loobuyck op zijn sociale media.

 

"Denken dat jij vooraf mag bepalen welke ideeën ik wel of niet moet horen is een vorm van filosofische arrogantie."
Het is een filosofie die niet mijn filosofie is.


maandag 7 september 2026

Zij

  

Zee


Ik wil nog wel een tijdje
zei hij.
Ze glimlachte.
Een zee van tijd
zei zij.
Dat heb ik toch weer maar mooi gehad,
die glimlach,
dacht hij,
en zei

en zij
en zij


 

Beeld:
"De zee, die grote beeldhouwer"
Jean-Michel Folon



maandag 31 augustus 2026

De onderscheider

 
Wie het onderscheid maakt tussen fictie en non-fictie kan nog niet goed lezen.

vrijdag 28 augustus 2026

De behoeftige

 Als een schrijver er al eens behoefte aan heeft van gelezen te worden, dan heeft het geschrevene dat zeker niet.

dinsdag 25 augustus 2026

De rector


Kloppen SVP


van september ’35 tot juni ’38 

studeerde ik middelbaar engels a.

in het gymnasium

aan de laan van meerdervoort te den haag.

het was een zich deftig voordoend gebouw:

de stortbak van de wc

had dan ook twee deftige trekkers,

er hing een stukje ivoorkarton naast

waarop in deftige drukletters stond:

‘voor grote spoeling gebruike men de lange trekker

voor kleine spoeling gebruike men de korte trekker’

een vermoedelijk iets minder deftig

iemand had eronder geschreven:

‘in geval van twijfel

wende men zich tot de rector’


moraal:

ga niet bij het onderwijs,

en als u toch bij het onderwijs gaat

word dan liever geen rector.

Cees Buddingh


Aan dit gedicht moest ik denken bij de nieuwe golf van alle "de academische vrijheid wordt geketend" teksten bij de schorsing van Nathan Cofnas. Dat is ook zo, maar niet zoals men het laat uitschijnen.

Wat is de academische vrijheid in deze? De zelfstandigheid.

Nathan Cofnas kan zelfstandig beweren dat de hypothese die hij verkondigt, die hij onderzoekt en die hij onderwijst, dat die niet racistisch is. De hypothese is noch racistisch noch niet racistisch.  Dat is de logica zelve. Anders zou het niet langer een hypothese zijn. Hij hoeft dus geen beroep te doen op andere argumenten dan zichzelf.  (Al heeft Nathan Cofnas de neiging om die academische vrijheid te grabbel te gooien.)

Ook de leidinggevende professor Bouke de Vries geniet van zijn academische vrijheid. Hij kan zelfstandig beslissen wie er mag deelnemen aan zijn onderzoek. Hij hoeft geen beroep te doen op iets of iemand anders dan zichzelf om te stellen dat de hypothese niet racistisch is  Dat is de logica zelve. Anders zou het niet langer een hypothese zijn.

Maar de academische vrijheid geldt blijkbaar niet voor de rector, en bij uitbreiding ook niet voor elkeen die de verdediging van de rector op zich neemt, als die poneert dat de hypothese racistisch is. Als een duivel uit een doosje heeft de "is" in "dit is racisme" een upgrade gekregen. De "subjectieve is" is een "objectieve is" geworden en de rector wordt de rol van orakel toegedicht, de rector "weet" wat racisme is. De zelfstandigheid van de rector verdampte in een oogwenk.

De hoeders van de vrijheid struikelen over hun eigen woorden. Ze verwijten de rector deugdzaamheid terwijl ze zelf het behoeden van de vrijheid als de hoogste deugd beschouwen. De academische vrijheid wordt wel degelijk beknot: ze geldt niet langer als je van mening verschilt met de beheerders van de term.

maandag 10 augustus 2026

De ethicus

 

Ethiek is als een bord met de tekst "GEEN ZWERFVUIL!".
Als er niemand is om het bord te onderhouden, is het gedoemd om als zwerfvuil te eindigen.

maandag 6 juli 2026

De zindaar

 

Geen
zin
in 
zinnige
zinnen. 

zondag 5 juli 2026

Constantine Sandis (English)

 

 
There are some subjects that, to put it neatly, are swept under the rug

(note for the English reader: the original text in dutch reads: "Please don't throw sanitary napkins or other subjects in the toilet.")

I continue to be amazed that renowned Wittgenstein experts make no attempt to discern the common thread in his work. 
The common thread is like a clothesline; you can hang objects on it of all sizes, colors, and weights.
But a clothesline is just a clothesline because it is suspended between two points. You can undo it without any problem, roll it up, and carelessly store it in the attic. There it continues to gather dust until a girl on an exploration finds it and takes it along to use as a jump rope.



 
The Wittgenstein specialists focus on the things hanging on the clothesline.
But would they still be tempted to make a statement like "the view is wrong, I think" if they paid more attention to the common thread to which their object is attached?

"I still find my own way of philosophizing new, and it keeps striking me so afresh: that is why I need to repeat myself so often. It will have become second nature to a new generation, to whom the repetitions will be boring. I find them necessary."

("Meine Art des Philosophierens ist mir selbst immer noch, und immer wieder, neu, und daher muß ich mich so oft wiederholen. Einer anderen Generation wird sie in Fleisch und Blut übergegangen sein, und sie wird die Wiederholungen langweilig finden. Für mich sind sie notwendig.")

"Each of the sentences is trying to say the whole thing, i.e. the same thing over and over again: it is as though they were all simple views of one object seen from different angels."

("Jeder Satz, den ich schreibe, meint immer schon das Ganze, also immer wieder dasselbe und es sind gleichsam nur Ansichten eines Gegenstandes unter verschiedenen Winkeln betrachtet.")

What is "das Ganze", "the whole thing", the "common thread" for Wittgenstein?

If you don't even attempt to put that into words, you end up in a rather unenviable position:

"It is all one to me whether or not the typical western scientist understands or appreciates my work, since he will not in any case understand the spirit in which I write".

("Ob ich von dem typischen westlichen Wissenschaftler verstanden oder geschätzt werde, ist mir gleichgültig, weil er den Geist, in dem ich schreibe, doch nicht versteht.")


 

Constantine Sandis

 

Er zijn zo van die onderwerpen die, om het proper te zeggen, onder de mat geveegd worden.



Ik blijf me er over verbazen dat gerenommeerde Wittgenstein kenners geen poging ondernemen om de rode draad in zijn werk te onderscheiden.

De rode draad is als een waslijn, je kan er dingen aan ophangen in alle maten, kleuren en gewichten.
Maar een waslijn is ook maar een waslijn omdat ze tussen twee punten is opgehangen. Je kan ze zonder probleem losmaken, oprollen en  achteloos op zolder opbergen. Daar blijft ze dan stof vergaren tot een meisje op ontdekkingstocht ze terugvindt en ze meeneemt om te gebruiken als springtouw.



De Wittgenstein specialisten concentreren zich op de dingen die aan de waslijn hangen.
Maar zouden ze zich nog laten verleiden tot een uitspraak als "the view is wrong, I think" als ze meer oog zouden hebben voor de rode draad waar hun voorwerp aan is vastgemaakt?

"I still find my own way of philosophizing new, and it keeps striking me so afresh: that is why I need to repeat myself so often. It will have become second nature to a new generation, to whom the repetitions will be boring. I find them necessary."

("Meine Art des Philosophierens ist mir selbst immer noch, und immer wieder, neu, und daher muß ich mich so oft wiederholen. Einer anderen Generation wird sie in Fleisch und Blut übergegangen sein, und sie wird die Wiederholungen langweilig finden. Für mich sind sie notwendig.")

"Each of the sentences is trying to say the whole thing, i.e. the same thing over and over again: it is as though they were all simple views of one object seen from different angels."

("Jeder Satz, den ich schreibe, meint immer schon das Ganze, also immer wieder dasselbe und es sind gleichsam nur Ansichten eines Gegenstandes unter verschiedenen Winkeln betrachtet.")

Wat is "das Ganze", "the whole thing", de "rode draad" voor Wittgenstein?

Als je niet eens een poging onderneemt om dat te verwoorden, kom je terecht in een weinig benijdenswaardige positie:

"It is all one to me whether or not the typical western scientist understands or appreciates my work, since he will not in any case understand the spirit in which I write".

("Ob ich von dem typischen westlichen Wissenschaftler verstanden oder geschätzt werde, ist mir gleichgültig, weil er den Geist, in dem ich schreibe, doch nicht versteht.")